Wat vooraf ging (bron : Advies FRGGZB)
Door het KB van 2015 over de beroepen in de gezondheidszorg (de WUG) werden de klinisch psycholoog en de klinisch orthopedagoog twee gezondheidszorgberoepen. Op 26 april 2019 werd het KB gepubliceerd voor de vaststelling van de criteria voor de erkenning van de klinisch psychologen en klinisch orthopedagogen en voor de stagemeesters en stagediensten. Om de klinische psychologie uit te oefenen moet de klinisch psycholoog beschikken over een visum, uitgereikt door de Federale overheid. De erkenning die nodig is voor de autonome uitoefening van de zorg wordt verstrekt door de Gemeenschappen, na een gesuperviseerde professionele praktijk (GPP) van een jaar, dus na de masteropleiding, onder supervisie van een erkend stagemeester; Dit model van een tweefasige opleiding wordt internationaal in de praktijk gebracht voor de opleiding van autonome gezondheidsberoepen.
De uitrol van die wet botste op het probleem van de onduidelijkheid van de financiering van deze stage en de professionele omkadering ervan (erkenning en financiering stagemeesters, criteria stageplaatsen) die bovendien deels onder de bevoegdheid viel van de federale overheid en deels onder de bevoegdheid van de gewesten. Omdat er daardoor geen voldoende erkende stageplaatsen en stagemeesters waren, werd het vastleggen van de criteria voor de erkenning van klinisch psychologen en orthopedagogen en van de stagemeesters en stagediensten enkele keren uitgesteld, met als uiterste datum 1 juli 2026.
De minister vroeg een advies aan de FRGGZB. Opmerkelijk in dit advies : niet het aantal studenten dat wordt opgeleid aan de faculteiten psychologie en orthopedagogie wordt als basis genomen om de stageplaatsen te bepalen, wel het aantal klinisch psychologen/orthopedagogen dat nodig is om te voldoen aan de zorgnood. Hierin verwijst het advies naar de Public Mental Health filosofie die de ministers van Volksgezondheid in ons land al enige tijd als richtlijn volgen. Bovendien wordt geopteerd voor een patiëntgericht, geïntegreerd multidisciplinair zorgmodel waarin de autonome GGZ-beroepen maar ook de ondersteunende GGZ-beroepen hun bijdrage leveren in het verstrekken van psychologische zorg.
Met andere woorden : niet iedereen die afstudeert, is er zeker van dat hij stage zal kunnen doen. Naast de klinisch psychologen en de klinisch orthopedagogen kunnen ook de psychologisch consulenten, de orthopedagogisch consulenten en de seksuologisch consulenten ingezet worden in de GGZ. Wel is het zo dat afgestudeerde masters klinisch psychologen en klinisch orthopedagogen met visum psychologische zorg kunnen verstrekken, onder supervisie van een erkend GGZ-beroeper. Ze kunnen echter niet autonoom werken.
De FRGGZB besloot dat er in 2023 slechts 199 beschikbare stageplaatsen waren in België. De procedure voor het aanvragen van de erkenning van stagemeesters en plaatsen werd als complex ervaren. Er bleken bij de studenten veel vragen over de GPP, die slechts door de overheid konden beantwoord worden. Die informatie was nog niet beschikbaar. hetzelfde gold voor de potentiële stageplaatsen en stagemeesters. Bovendien waren er in het veld nog veel mensen niet vertrouwd met de terminologie die hierover werd gehanteerd.
Het kabinet stelde voor om de GPP te organiseren via de universiteiten als een postacademische permanente vorming, met begeleiding en supervisie buiten de stageplek, wat echter niet overeenkwam met het KB en voor het FRGGZB niet voldeed aan de voordelen aan een hands on-begeleiding op de werkvloer.
Schrapping van de stage
In augustus 2025 kwam dan het bericht dat minister Vandenbroucke een wetsontwerp klaar heeft om de gesuperviseerde professionele praktijk te schrappen, waarbij hij als reden opgeeft dat er niet genoeg stageplaatsen beschikbaar zijn. Over de complexiteit van de organisatie en het in gebreke blijven van de overheid wordt niets gezegd. Een uitstekend opiniestuk van Nady Van Broeck zet in Knack alles op een rijtje. Ondertussen blijft de vraag wat de overheid doet met de adviezen van de Federale Raad voor Geestelijke Gezondheidszorgberoepen, nochtans haar eigen adviserend orgaan.
